maandag 5 oktober 2026

Reiken naar de limiet - Music for a while

Muziek is georganiseerde klank. Of, nee beter, gestructureerde klank, want anders zou ook die irritante zaagmachine van onze achterburen eronder vallen. Of nee, beter, klankpatronen, want structuur heeft werkelijk alles, het is maar wat je erin wil analyseren. Maar geldt dat ook niet voor klankpatronen? Het verhaal van Pythagoras die langs een timmerbedrijfje liep en daar de hamer hoorde neerkomen volgens een bepaald patroon? Patroon verwijst zeker ook naar de vader, de pater. Nee, dan liever de mater, de matrix... alsof muziek zelf niets is, maar alleen waaruit ze is voortgekomen... Oké, we botsen op limieten. Muziek is niet zomaar klank, er moet iets van een bewerking bij, of (achteraf) iets van een analyse...

Ben je eenmaal in de muziek, dan is er altijd heimwee naar de ruwe, oorspronkelijke, onbewerkte klank. Ook daar bots je weer tegen limieten. Gisteren zaten we bij Music for a while, zeg maar rustig een concertreeks, maar dan voor een klein publiek. Het is wel een concert, maar met een groot verlangen om een beetje te schuiven met de kaders. Wij vonden houvast bij een van de inspiratoren van deze experimentele praktijk, componist John Cage. Nou ja, componist... Cage was evenzeer leraar, hij wilde ons leren om 'gewoon stil te zitten en te luisteren', en wel naar wat er gewoon klinkt.

Er zijn altijd onzekerheden over die limieten. In diverse blogs heb ik je al verteld over die keer dat ik met vriend Leo, toen we zeventien waren, in Londen een demonstratie bezocht van iemand die een notatie had bedacht voor body music, het gebruiken van je lichaam als muziekinstrument, vooral ook op ongebruikelijke manieren, als slaginstrument, door te klappen, of te tikken tegen je strottenhoofd, of met je vlakke hand op je buik, of te gorgelen etcetera. Zijn mentor was John Cage, daar ook werkelijk tegenwoordig. Hij was toen al een van mijn helden. We bevonden ons in een gebouwtje bij de Mall, en buiten klonk een sirene tijdens de demonstratie. Wat zou er door het hoofd van Cage gaan, zou hij zo ver gaan de sirene toe te laten tot de muziek waarvan op dat moment het lichaam van zijn adept het centrum vormde?

Gisteren lag er een hond tussen de spelers, meegebracht door een toehoorder, rustig te liggen. Een ander hondje liep er nieuwsgierig naartoe. Dat vond die hond maar niks, en hij begon luid te blaffen. De uitvoerders gingen gewoon door met hun zachte, kwetsbare, half-geïmproviseerde muziek. Het leek op een uitvoering, lang geleden alweer, van Lieder eines fahrenden Gesellen van Mahler in de Rodahal met Ger Withag. Ineens viel er een enorme plantenbak om, met een oorverdovende klap. Withag en het orkest deden alsof het niet gebeurde en speelden gewoon door. Stoer hoor.

Verstoringen, maar ook weer niet, dus. En al helemaal niet wanneer de muziek zich probeert uit te rekken tot klank, een reikhalzend gebaar te maken naar klank. Er vliegt een vliegtuigje over, met een toon die wonderwel overeenkomt met de toon van de basklarinet. Alleen hadden de musici met elkaar afgesproken om strakke tonen te spelen. Het vliegtuigje leed onder zijn doppler-effect en vergleed naar een lagere toon.

Er zijn nog veel aspecten van deze uitvoeringspraktijk die ik graag voor mezelf wil overdenken. Ik hoop nog veel van deze concerten mee te maken, en misschien is mijn ideaal wel (Cage) to sit still and listen. In deze blog wilde ik even de aandacht vestigen op de verstoringen die overduidelijk verstoringen zijn, maar toch, zelfs bij deze lieve, toegewijde mensen, een sfeer van lichte aarzeling oproepen die zich alleen verraadt wanneer je een van de spelers in de pauze erover spreekt. Als ze spelen, spelen ze.

Toch wil ik de gelegenheid grijpen om je nog ter overdenking een gedachte van onze vriend componist Andries mee te geven. Hij had ons in contact gebracht met deze Music for a while en was er zelf ook bij. Hij zei dat bij deze muziek de retorica eruit gefilterd was. Muziek zonder retorica, zonder verfraaiing, zonder ornamenten, zonder vertoon, zonder techniek (de meeste uitvoerders kwamen uit de beeldende kunst), zonder poging om impact op je te hebben. Gewoon spelen, strakke tonen, of ademende bijklanken, of gestreken zijkanten van de marimba...

Toen Andries in de pauze zijn theorie deelde met de basklarinettist, knikte die even, maar niet zomaar ter bevestiging. Wat zou de status van theorie kunnen zijn bij zo'n uitvoering? Wordt de theorie zelf dan niet al gauw retorisch? En een blog als deze, geldt dat daar dan ook niet voor? Het wordt tijd om mijn getik getik te laten zijn, en mijn stoppen uitnodiging tot de klanken die ik hierna hoor, de klanken die jij hierna hoort.



1 opmerking:

  1. Prachtig Anton. Je boort een groot thema aan, zoveel is me wel duidelijk.
    We hebben het er hopelijk nog eens over.

    BeantwoordenVerwijderen

Reiken naar de limiet - Music for a while

Muziek is georganiseerde klank. Of, nee beter, gestructureerde klank, want anders zou ook die irritante zaagmachine van onze achterburen ero...